Habakuk was een profeet die de nodige noodsituaties heeft meegemaakt. Hij leefde in de nadagen van het koninkrijk van Juda waarin het recht werd verbogen. Hij legt zijn nood aan God voor en vraagt: ‘Hoelang nog…?’ Het antwoord dat Habakuk krijgt is ontstellend. God zal een einde maken aan het wanbestuur in Juda door middel van het leger van Chaldeeën! Meer nog: God zal een einde maken aan alle grootheidswaan, machtsmisbruik en idolatrie. Gods woede en oordeel over het kwaad raken Habakuk tot op het bot. De HEER leert zijn profeet op Hem te vertrouwen en in Hem te geloven bij nacht en ontij. Dan komt hij tot die psalm waarmee zijn boek eindigt en tot de woorden die boven dit stukje staan. ‘Al zal de vijgenboom niet bloeien, al zal de wijnstok niets voortbrengen, al zal de oogst van de olijfboom tegenvallen, al zal er geen koren op de akkers staan, al zal er geen schaap meer in de kooien zijn en geen rund meer binnen de omheining – toch zal ik juichen voor de HEER, jubelen voor de God die mij redt. God, de HEER, is mijn kracht, hij maakt mijn voeten snel als hinden, hij laat mij over mijn bergen gaan.’

Zijn woorden vragen erom op muziek gezet te worden en gezongen te worden. En dat gebeurt ook bijvoorbeeld door Christian Verwoerd in het lied ‘Dan toch’https://www.youtube.com/watch?v=M0Amb-AUJYA